Het gemis van mensenstemmen

Het gemis van mensenstemmen
  • Alleen
  • Megan E. Freeman
  • Vertaler: Tjalling Bos
  • Uitgever: Luitingh-Sijthoff
  • Jaar: 2026
  • Aantal blz.: 400

Hoe overleef je in je eentje? Megan E. Freeman beschrijft het in Alleen. De vrije versvorm van het verhaal benadrukt goed de geïsoleerde positie van hoofdpersoon Maddie.

Wat is het moeilijkste voor de hoofdpersoon van Het eiland van de blauwe dolfijnen? Die vraag moet Maddies broertje beantwoorden voor een boekverslag. Simpel, helpt Maddie hem, eten en drinken vinden. Later, nadat ze zelf al ruim een jaar in haar eentje aan het overleven is, vindt ze zijn boekverslag terug en leest ze zijn antwoord: alleen zijn is de moeilijkste uitdaging.   

Het thema van alleen zien te overleven vind je in dystopieën waarin iemand na een (natuur)ramp als een van de laatste mensen ter wereld overblijft. Een recent voorbeeld hiervan is het indringende jeugdboek Albatros van Yorick Goldewijk. Een ander genre dat vaart op het thema van overleven is de robinsonade, genoemd naar de oerversie hiervan. Robinson Crusoe. Dit zijn avonturenverhalen waarin de protagonist zich bevindt op een geïsoleerde plek, ver weg van de beschaving. Kevin Hassing schreef recent met Ruby Crusoe zo’n verhaal.

Alleen is geen van beide, al lijkt het in het begin wel even een klassieke dystopie en is het geïnspireerd op de robinsonade Het eiland van de blauwe dolfijnen van Scott O’Dell. Het is geen avonturenverhaal en in plaats van een eiland bevindt hoofdpersoon Maddie zich in een stad. Ze is evenmin de laatste mens op aarde. Wel blijft ze door een samenloop van omstandigheden alleen achter, nadat in de wijde omtrek alle bewoners zijn geëvacueerd vanwege ‘acuut gevaar’.
Freeman laat met opzet nadere details over wat er precies aan de hand is achterwege. Het verhaal draait om de vraag hoe je moet overleven als je teruggeworpen bent op jezelf en al vanzelfsprekende comfort als elektriciteit en stromend water verdwijnen. Maddie is afgesneden van elk contact met andere mensen. Ze heeft alleen de hond van de buren als  kameraad.

De eerste dagen is het nog makkelijk: ze kan eten uit de verlaten supermarkt halen en opwarmen op een kampeergasstel. Bovendien verwacht ze dat haar ouders snel zullen ontdekken dat ze achtergebleven is en haar zullen (laten) ophalen. Naarmate de tijd verstrijkt, verdampt die hoop. Maddie wordt noodgedwongen steeds inventiever en slaagt erin gevaren als een overstroming, brand, een tornado en een meute wilde honden te overleven. Maar veel moeilijker om te doorstaan is de extreme eenzaamheid en het gemis van mensenstemmen. ‘eten en onderdak zijn niets/ vergeleken bij de uitdaging dat je/ nooit meer iemands hand vasthoudt/ nooit meer iemands stem hoort.’ En: ‘dit gevoel van eenzaamheid en verlies/ zou weleens te veel kunnen zijn/ om te verdragen/ ook al overleef ik verder alles.’

Waar het verhaal aanvankelijk nog de gebeurtenissen per dag beschrijft, worden de sprongen in de tijd steeds groter. Net zoals voor Maddie de tijd steeds onbepaalder wordt. Seizoenen wisselen elkaar af, dat is het enige dat ertoe doet. Je voorbereiden op de winterkou en de zomerhitte. Freeman beschrijft mooi hoe Maddie eerst troost vindt in de fictieboeken uit de bibliotheek, maar dat die haar uiteindelijk gaan tegenstaan, omdat al die verhalen zo netjes aflopen. ‘Mijn eigen verhaal rafelt steeds verder uit/ met een deprimerende voorspelbaarheid.’ Uiteindelijk vindt ze meer troost in poëzie.  
Oorspronkelijk, zo vertelt de schrijfster in haar nawoord, schreef Freeman het verhaal in proza, in de derde persoon en verleden tijd. Dat werkte niet. Ze koos toen voor de vrije versvorm. Die past inderdaad veel beter bij het verhaal dat ze wil vertellen. Zo komt ze tot de kern van de zaak. Bovendien benadrukt deze vorm mooi hoe Maddie is teruggeworpen op zichzelf.

Maddie heeft geleerd voorzichtig te zijn. Daarom rent ze niet meteen op de mannen af die op een dag de winkels in de stad komen plunderen. Want zijn het redders of een risico? Veiligheid of gevaar? Het enige dat we als lezer nu zeker weten
Ruim vier jaar redt Maddie het zo in haar eentje. Als lezer vraag je je af hoe Freeman dit verhaal gaat afronden. Ze had kunnen eindigen met Maddies acceptatie van haar lot en haar besef dat ze zich ondanks alles nog kan verwonderen over de natuur om haar heen. Nog levenslust voelt. ‘Ik ben er nog.’ Dat zou een mooi open einde zijn geweest. In plaats daarvan  kiest Freeman voor een wensvervullend slot dat een beetje als een deus ex machina voelt. Dat is het enige minpunt van dit indringende boek.